1. Hoe zit een mens in elkaar?

Nodig

  • Tijdschriften, folders en kranten
  • Schaar en lijm
  • Papier
  • Verf (facultatief)

 

Noem eens op wat jou tot mens maakt: een hoofd, een lijf, twee armen en twee benen en nog veel meer. Kun je alles benoemen en aanwijzen?

Kijk eerst naar

Auguste Rodin, The Walking Man | ca. 1877 | Brons (gegoten 7 van 12)  | 224 x 75 x 135 cm | Stanford University

Alberto Giacometti, L’Homme qui marche II | 1960 | Brons | 189 × 27 × 109,5 cm | Kröller-Müller Museum, Otterlo

 

Deze mensfiguren zijn niet compleet, maar laten wel zien wat ze doen: lopen.

Na kunstkijken zelf aan het werk

Knip of scheur allerlei mensen en losse onderdelen zoals armen, benen en monden uit. Gebruik hiervoor tijdschriften en kranten. Kies zoveel mogelijk verschillende mensfiguren en onderdelen om één nieuw figuur te maken. Een lang en een kort been, een bruine en een roze arm en misschien bril en pet.

Probeer eerst een figuur neer te leggen. Tevreden? Plak dan de losse onderdelen op. Staat, loopt, springt of zit je mens? En vijf armen of maar één groot oog maken het grappig. Alles mag!

Tijd

Vooraf: het uitknippen van onderdelen uit tijdschriften en folders kost wat tijd, maar kan op zogenaamde verloren momenten (in de pauze, tussen de lessen door, thuis of waar dan ook) gedaan worden.

De activiteit zelf: 30 – 60 minuten.

Extra

Na het kunstkijken en doen kan een volgende keer gewerkt worden aan de achtergrond.

Gebruik bijvoorbeeld verf en schilder contouren om de figuren eruit te laten springen.

Tip

Verspil zo weinig mogelijk verf en water. Gebruik precies genoeg verf door steeds kleine beetjes te nemen. Doe de verf in een kunststof eierdoos. Klaar? Gooi de eierdoos bij het restafval.